Article
1937
Meer Naastenliefde
Het is de intentie van de Maria-Omdracht van a.s. Zondag.
Daaraan gegeven door den Bisschop zelf.
Die woorden worden in groote letters voor ons uitgedragen, als Zondag Katholiek Nijmegen zijn jaarlijksche hulde brengt aan Maria.
Om zelf ‘meer naastenliefde’ als een ideaal in ons eigen leven voorop te stellen.
Om door de voorspraak en bemiddeling van Maria, van God de kracht te krijgen, meer naastenliefde te beoefenen.
Om ook in de maatschappij rondom ons dat ideaal van ‘meer naastenliefde’ weder sterker naar voren te doen komen.
Onze maatschappij heeft er meer dan ooit behoefte aan.
En wij, Katholieken, hebben toch wel den bijzonderen plicht, niet slechts in de prediking van de naastenliefde, maar ook in de beoefening er van een eerste plaats in te nemen.
De naastenliefde is wel een bij uitstek Christelijke deugd.
Christus heeft het gebod er van op één lijn gesteld met het hoogste en eerste gebod, God te eeren en lief te hebben.
In de eerste tijden der Kerk zeiden de Heidenen tegen elkander, sprekend over de Christenen: Ziet, hoe zij elkander liefhebben.
De Heidenen van dezen tijd spotten met de liefde, die zij zwakheid noemen. Maar is onze liefde misschien ook niet meer zoo sterk, dat zij die Heidenen imponeert?
Och, er zijn gelukkig nog heerlijke voorbeelden van naastenliefde, ook in dezen tijd. Gisteren nog las ik in de bladen van de grandiose begrafenis van een dertig-jarige kloosterzuster, verpleegster van besmettelijke zieken, die bij een typhus-lijdster den dood had gehaald. Kort geleden bracht België een haast nationale hulde aan den held van Molokai, Pater Damiaan, melaatsch geworden met de melaatschen.
Wij huldigen Ariëns, omdat hij een en al liefde was. Ik ben blij te weten, dat er nog dagelijks, geleid door de Christelijke gedachte, vele vaders en moeders zich offeren voor hun kinderen, kinderen van hun ouders. Ik ben blij, te weten, dat er in tal van bedrijven, dat er bij de leiders van het politieke leven, bij de strijders in het maatschappelijk kamp nog velen begeesterd zijn voor de naastenliefde, door Le Play eens genoemd de olie, welke het maatschappelijk raderwerk alleen vlot kan laten loopen, nadat het recht het in elkander heeft gezet.[2]
Maar… er is niet in alle kringen evenveel liefde. Ook zijn er, die zich Christen, Katholiek noemen en in het geheel niet uitmunten in de beoefening van de naastenliefde.
Zij doen hun naam van Christen geen eer aan.
Neen, zij doen er schade en groote schade aan.
Wij strijden tegen het nieuwe Heidendom, wij voeren een actie voor God. Ons beste wapen, de geschiedenis leert het, sinds Christus ons ‘Zijn’ gebod gaf, dat de onderhouding van dat gebod ons de wereld doet veroveren. Als wij sterk zijn in de liefde, dan zal de natuur boven de leer gaan en ook de nieuw-Heiden haar geen zwakheid blijven noemen.
Als wij sterk zijn in de liefde, dan winnen we het over heel de linie.
De liefde, maar dan de ware opofferende liefde, geïnspireerd door de liefde van God, die Zichzelven gaf voor ons, zulk een liefde is onweerstaanbaar.
Wij willen vooruit.
Wij willen de uitbreiding van het Rijk van Christus.
Wij willen Christelijke beginselen in onze maatschappij.
Wij willen daarom winnen op 26 Mei.[3]
‘Meer naastenliefde’ in onze gelederen zal allen tot ons trekken.
Ik herhaal de omschrijving, door den Bisschop gegeven in zijn laatsten Vastenbrief:
“In liefde geschiede alles wat gij doet” (H. Paulus aan de Corinthiërs II, hfdst. 16, 16).
“Dit zij het parool, dat bijzonder de leiders en leidsters, dat de kerngroepen onzer Katholieke sociale actie en allen, die de wereld thans van den ondergang willen redden, zelf ten volle moeten doorgeven en doen beleven.
Méér liefde en welwillendheid dus in onze gezinnen.
Méér liefde en minder baatzucht in onze stands- en vakorganisaties, zoo in eigen boezem als tegenover elkander.
Méér liefde en hulpvaardigheid jegens de armen en ongelukkigen.
Méér liefde en méér voorkomendheid in ieders sociaal en ieders economisch leven.
Méér onbaatzuchtige samenwerking voor het algemeen welzijn.”
Met dit parool houden wij Zondag onze Maria-Omdracht.
Wij brengen het beeld van Maria naar voren. Zij is het beeld bij uitstek, hoe groot de liefde van een mensch zijn kan.
Omdat zij sterk was in de liefde, stond zij onder het kruis van Haar Zoon.
Daar noemde Hij haar onze Moeder.
Onze Moeder zij ons voorbeeld.
Van ‘meer Naastenliefde’.
Nijmegen, Meimaand 1937.
Titus Brandsma, O.Carm.
Voorzitter van de Maria-Omdracht
- Published in: De Gelderlander, 19 May 1937, p. 9 [Nijmeegsch Nieuws] (See also NCI OP30.47). The procession ‘Maria Omdracht’ was held on 23 May 1937. ↑
- See also: https://www.titusbrandsmateksten.nl/ons-vredesgeheim/ ↑
- On 26 May 1937 the elections fort he House of Representatives would be held. ↑
© Nederlandse Provincie Karmelieten
Published: Titus Brandsma Instituut 2026